Dubbele belasting: non bis in idem!

Ik las recent een uitstekend stuk van Daan Killemaes over de meerwaardebelasting. Het legt duidelijk uit waarom Marc Coecke geen meerwaardebelasting moet betalen. Wat mij wel opviel is het volgende:

“Bovendien zijn er goede economische en fiscale redenen om de meerwaarde hier niet te belasten. Zo is er het principe ‘non bis in idem’, dat stelt iets geen twee keer mag worden belast.”

Ik heb dit altijd een vreemd principe gevonden, omdat het aantal keer dat je een bedrag belast eigenlijk niet zo relevant is. Ik kom dit argument vaak tegen in verschillende discussies over belastingen: “men mag niet dubbel belasten!”. Ik wil dat hier tegenspreken. Wat vooral relevant is hoe efficiënt en effectief je belastingen heft. En dan kan het wel eens zijn dat je dubbel moet belasten, maar dat wil niet noodzakelijk zeggen dat je méér moet belasten. Laten we drie eenvoudige situaties bekijken om te duiden wat ik bedoel.

Situatie 1 – 30% personenbelasting en 21% BTW

Stel, mijn brutoloon is 3.000 euro per maand. Hierop moet ik 30% belastingen betalen, dus 900 euro. Mijn nettoloon is dan 2.100 euro en ik kan dus 2.100 euro bruto (incl. BTW) consumeren. In netto termen (excl. BTW) kan ik 1.736 euro consumeren en zal ik 364 euro (21%) BTW betalen. In totaal betaal ik 1.264 euro belastingen, of 42.15% op mijn brutoloon.

Situatie 2 – 42.15% personenbelasting en 0% BTW

Stel, mijn brutoloon is 3.000 euro per maand. Hierop moet ik 42.15% belastingen betalen, dus 1.264 euro. Mijn nettoloon is dan 1.736 euro en ik kan dus 1.736 euro bruto (incl. BTW) consumeren. In netto termen (excl. BTW) kan ik 1.736 euro consumeren en zal ik 0 euro (0%) BTW betalen. In totaal betaal ik 1.264 euro belastingen, of 42.15% op mijn brutoloon.

Situatie 3 – 0% personenbelasting en 42.15% BTW

Stel, mijn brutoloon is 3.000 euro per maand. Hierop moet ik 0% belastingen betalen, dus 0 euro. Mijn nettoloon is dan 3.000 euro en ik kan dus 3.000 euro bruto (incl. BTW) consumeren. In netto termen (excl. BTW) kan ik 1.736 euro consumeren en zal ik 1.264 euro (42.15%) BTW betalen. In totaal betaal ik 1.264 euro belastingen, of 42.15% op mijn brutoloon.

Conclusie

In alle drie de situaties kan ik excl. BTW exact evenveel consumeren. Ik mis dus niks. De totale belastingen die ik betaal zijn ook overal gelijk. Ik mis opnieuw dus niks en de overheid ook niet. Maar waar ligt het verschil dan? Het verschil ligt op het tijdstip en de manier van belasten. En het is niet moeilijk om jezelf in te beelden dat die tijdstippen en die manieren een invloed kunnen hebben op de efficiëntie en effectiviteit van het heffen van belastingen.

Je zou in situatie 1 kunnen spreken van een “dubbele belasting” die dus te verwerpen valt volgens het “non bis in idem” principe, maar als je situatie 2 en 3 gezien hebt, is er geen sprake van dubbele belasting. Je betaalt daar echter gewoon even veel. Je bent even goed af, alle andere zaken constant houdende. Het is dus niet de dubbele belasting die je als argument moet gebruiken, maar het argument dat de totale belasting te hoog of te laag zou zijn, of dat de manier waarop deze belasting geïnd wordt niet efficiënt is. Hetzelfde heb je bijvoorbeeld bij bedrijven. Men zegt wel eens dat men de winst dubbel belast: een keer met de vennootschapsbelasting om tot de nettowinst te komen en nog een keer met de roerende voorheffing wanneer de nettowinst als dividend uitgekeerd wordt. Dat is ook een dubbele belasting, maar men zou even goed de vennootschapsbelasting kunnen afschaffen en de roerende voorheffing kunnen verhogen, om aan hetzelfde bedrag aan belastingen te komen. Maar dan zullen er bedrijven zijn die geen dividenden uitkeren en alle winst aan het kapitaal toevoegen (waar absoluut niets mis mee is), zodat er vele jaren geen belasting betaald moet worden. Die bedrijven zullen pas op het einde een belasting betalen op hun winst, wanneer ze hun winst gaan omzetten naar cash aan private individuen, zoals bijvoorbeeld de aandeelhouders. Is dat de meest efficiënte oplossing? Zou het efficiënter zijn om ieder jaar een soort van voorschot te nemen? Zou dat de belastingsinkomsten van de overheid stabieler kunnen maken? Dat weet ik natuurlijk niet, want ik doe er geen onderzoek naar. Maar het toont alvast aan dat er in principe weinig mis is met dubbel belasten. Ik word liever 10 keer belast aan 3% dan 1 keer aan 30%. In het eerste geval hou ik immers meer over, desondanks dat ik 9 keer meer werd belast dan in het tweede geval.

Laat het a.u.b. dus verleden tijd zijn dat mensen argumenteren dat er geen vermogenswinstbelasting mag komen omdat die vermogens al eens belast werden bij de verwerving ervan. Zoek naar betere argumenten. Want dergelijk argument zou ik ook kunnen inroepen wanneer ik geen BTW wil betalen omdat op mijn inkomen al belastingen zijn betaald. Vrij absurd. Het gaat niet over hoeveel je belast, het gaat over de manier waarop je belast. Optimal taxation, naar het schijnt zijn er in Leuven enkele uitstekende onderzoekers die daar mee bezig zijn.

 

29 gedachten over “Dubbele belasting: non bis in idem!

  1. Er is een belangrijk verschil tussen de voorbeelden die je geeft, en de belastingen op vermogenswinst.

    Elke belasting is uiteindelijk een consumptiebelasting – waar je ze ook heft – zoals in jouw voorbeelden: op inkomen, of op aankopen – ze vermindert de potentie tot consumeren.

    Maar als je ze op verschillende manieren heft gaat het niet om het meer dan eens belasten van iets wat al eerder werd belast. Het inkomen wordt níét twee keer belast, noch de aankopen. Als dat wel het geval was, dan zou immers elke euro al meermaals eerder zijn belast. Laten we vertrekken bij jouw inkomen: dat is belast aan de bron. Je koopt daarmee een krat trappist bij de Colruyt, en betaalt natuurlijk BTW. Colruyt betaalt dan weer vennootschapsbelasting, en natuurlijk het loon van haar personeel – die ook weer belasting betalen enz. Je zou verbaasd zijn dat er nog geld overblijft voor de burger nadat elke euro zoveel keer wordt belast. Maar dat is natuurlijk niet wat hier echt aan de hand is.

    Bij vermogenswinst gaat het echter wel om een meervoudige belasting. Steven Landsburg legt dat helder uit op zijn blog – ik heb even de referentie niet bij de hand, maar het werkt ongeveer zo:

    Kurt en Koenfucius verdienen elk 100 euro. Daar wordt 50% belasting op geheven, en elk houden ze 50 euro over. Koenfucius consumeert zijn 50 euro meteen, en zijn consumptie wordt dus verminderd met 50% Dior de belasting. Kurt spaart zijn 50 euro echter, en aangezien hij goed op de hoogte is van efficient markets en dat soort dingen, en al gauw is zijn 50 euro 100 euro waard. Daarop is een vermogenswinstheffing van toepassing van 20%, dus hij houdt 90 euro over. Zonder belasting zou hij 200 euro kunnen uitgeven, maar met de twee belastingen is dat 55% minder. Kurt betaalt dus meer op zijn inkomen dan Koenfucius. Hij wordt twee keer belast.

  2. Dat klopt Koen. Dat is het klassieke argument waarom kapitaal niet belast zou mogen worden: het verstoort de keuze tussen vandaag consumeren of eerst sparen en dan morgen meer consumeren. En dat klopt gewoon ook, theoretisch gezien. Het lijkt onlogisch om een spaarder te straffen omwille van het feit dat hij spaart en liever later consumeert. Maar dit alles veronderstelt wel dat de keuze tussen sparen en consumeren endogeen is. En dat is waar volgens mij het schoentje kan wringen.

    De vraag die ik mij stel is: welke factor(en) verklaart/verklaren de mate waarin personen geneigd zijn om meer te sparen en idem consumeren? Als ik meer spaar dan jou, hoe komt dat dan? Is dat puur mijn eigen beslissing, of zit er nog iets anders voor tussen? In een hypothetisch voorbeeld als het jouwe zijn we allebei exact gelijk en maken we toch andere keuzes. Waarom dan?

    Laten we even een hypothese opstellen. Die hypothese stelt dat mensen met een hoger niveau van welvaart eerder geneigd zullen zijn te sparen. Alternatief zou je kunnen spreken van inkomen, vermogen, financiële voorspoed, whatever. Zie het bijv. als rijk vs. arm. De rijke kan veel sparen, de arme niet, bijvoorbeeld. Dat rijk vs. arm voor een vrij groot deel van het toeval afhangt, en dus exogeen is, daarvan hoef ik je wellicht niet meer van te overtuigen. Op die manier wordt sparen vs. consumeren een exogene beslissing (of toch in een belangrijke mate exogeen). De vraag is dan: als spaargedrag inderdaad wordt bepaald door exogene factoren, is het dan rechtvaardig dat iedereen gelijke belasting zou betalen in het consumptie vs. sparen spectrum?

    Ik zou bijvoorbeeld durven stellen dat het rechtvaardig is om spaarders iets hoger te belasten dan consumenten indien aangetoond kan worden die die sparen vs. consumeren beslissing voor een groot deel afhankelijk is van exogene factoren. De NVA of de VLD komt bijvoorbeeld klassiek met argumenten als “goede spaarders mogen niet extra belast worden”. Maar mijn vraag is dan meteen: als die mensen goed kunnen sparen omdat ze toevallig voorspoed hebben in hun leven, waarom zouden we ze dan niet extra mogen belasten?

  3. Ik ben altijd zeer op mijn hoede als de woorden “belastingen” en “rechtvaardig” in dezelfde zin worden gebruikt.

    Je redenering lijkt te worden: als je rijk bent is het OK je zwaarder te belasten. En als je na die belasting nog altijd rijk bent, dan is het OK je nog meer te belasten.

    Dat argument (dat wel wat politieke gevaren inhoudt – extrapoleer dat eens en kijk waar je uitkomt) is in een discussie over vermogenswinstbelasting echter naast de kwestie. Als je mensen wil belasten enkel omdat ze rijk zijn, maak dan daarvoor de case, en ga dan meteen voor een vermogensbelasting.

    Tot slot dat oude verhaal van de toevallige voorspoed.

    Laten we onze twee hypothetische figuren, Kurt en Koenfucius weer eens bovenhalen. Kurt is een normaal gebouwde gast, en Koenfucius is – toevallig – een beer van een vent. Ze werken allebei als sjouwers en worden betaald naargelang de hoeveelheid versjouwde materialen. Omdat Koenfucius zo sterk is versjouwt hij twee keer zoveel als Kurt. Zijn baas betaalt hem dan ook het dubbele van Kurt, maar de baas van het land (die toevallig ook Kurt heet) vindt dat onrechtvaardig, omdat Koenfucius profiteert van zijn toevallige kracht. Daarom wordt dat extra inkomen extra zwaar belast – Koenfucius houdt uiteindelijk maar 10% meer over dan Kurt. Koenfucius is echter niet alleen sterk, maar ook niet van de domste, en hij realiseert zich dat hij, als hij zich niet moe zou maken en exact evenveel op een dag zou versjouwen als Kurt hij precies evenveel zou verdienen als Kurt, en slechts 9.1% minder zou overhouden.

    Als je wérkelijk voorspoed als gevolg van exogene factoren wil belasten, waarom dan niet beginnen met die situaties waarin die duidelijk voor 100% aan toeval is te danken? Twee voorbeelden: erfbelasting en gokwinsten. Merkwaardig genoeg blijkt daar weinig appetijt voor te bestaan. En dat doet mij sterk twijfelen aan de motivatie voor het zwaar belasten van hoge inkomens.

  4. Wacht Koen, de discussie wordt me te onoverzichtelijk. Ik ga even structuur aanbrengen. Het ging over een verschil in belasting tussen personen die vandaag consumeren, en personen die vandaag sparen en morgen extra consumeren.

    Stel, we hebben twee personen die vandaag 125 euro bruto uit hun arbeid verdienen en verder nooit meer zullen werken. Er is tevens een spaarproduct ter beschikking dat 5% per jaar rendeert. Alle inkomens worden aan 20% belast. Er is geen BTW. Persoon 1 consumeert zijn nettoloon van 100 euro onmiddellijk. Persoon 2 spaart zijn nettoloon van 100 euro één jaar en verdient daarop 5 euro. Op die 5 euro betaalt hij 1 euro belasting. Uiteindelijk heeft hij 105 euro inkomen gehad, met 26 euro belasting, of 24.76%. Dat is beduidend meer dan persoon 1.

    Ik wil nog een stap terug, nog een stap vóór de discussie van hierboven. Ik stel mij de vraag: betalen die personen eigenlijk wel verschillende percentages qua belastingen? We vergelijken immers geld in de tijd zonder rekening te houden met de tijdswaarde, en dat mag niet. We mogen euro’s vandaag niet zomaar naast euro’s volgend jaar plaatsen. Die zijn niet gelijk.

    Dus: persoon 1 betaalt vandaag 25 euro belasting en persoon 2 betaalt vandaag 25 euro belasting en volgend jaar 1 euro belasting. De huidige waarde van het inkomen van persoon 1 is 125 euro en de huidige waarde van zijn belastingen zijn 25 euro. Dat geeft een belastingspercentage van 20%. De huidige waarde van het inkomen van persoon 2 is 125 + 5/1.05 = 129.76 euro en de huidige waarde van zijn betaalde belasting is 25 + 1/1.05 = 25.95 euro. In huidige waarde betaalt persoon 2 dus 25.95/129.76 euro belasting, oftewel ook exact 20%.

    Het lijkt alsof hij benadeeld wordt, maar dat is een illusie, omdat je de euros volgend jaar een te groot gewicht geeft, waardoor het lijkt alsof hij meer belastingen zal betalen.

    • Ik denk dat je berekening niet klopt. De werkelijke belasting betaald door persoon 2 is (125×1.05-104)/125×1.05 of 22.89%. Maar ik zie waar je naartoe wil.

      Je gaat ervan uit dat er geen reële opbrengst is voor sparen (waardetoename = inflatie)? Misschien niet zo crazy in deze deflatoire tijden, maar in het algemeen zal een belegger of een spaarder toch een positieve reële opbrengst verwachten. Ik denk dus niet dat deze versie van het scenario ons iets bijbrengt.

      • Ik zie geen fout? Persoon 2 krijgt vandaag 125 euro en betaalt daar 25 euro belasting op. Dat staat automatisch al in huidige waarde, want het is vandaag. Bovendien spaart hij die 100 en krijgt hij daar volgend jaar 5 euro rente op, waarvan hij 1 euro moet afgeven.

        Zijn totale inkomen vóór belasting is 125 vandaag + 5 volgend jaar. In huidige waarde is dat 125 + 5/1.05 = 129.76 euro inkomen.
        Zijn totale belasting is 25 vandaag + 1 volgend jaar. In huidige waarde is dat 25 + 1/1.05 = 25.95 euro belasting

        In huidige waarde betaalt hij dus 25.95 / 129.76 = 20% belasting.

        Ik zie nu toevallig ook dat als je geen rekening houdt met de tijdswaarde hij ook gewoon (1+25)/(125+5) = 20% belasting betaalt. In totaal heeft hij 125 loon getrokken en 5 euro rente. Daarvan is 25 euro personenbelasting en 1 euro roerende voorheffing naar de staat gedaan, oftewel 20%.

      • (Ik beantwoord mijzelf omdat ik niet meer op jouw antwoord kan reageren).

        De fout die je maakt is dat je de belasting half wél en half níet in rekening brengt. Om de totale rol die de belasting speelt te bepalen moet je de gehele situatie zonder belasting vergelijken met de gehele situatie mét belasting.

        Dus

        1. Zonder belasting:
        Jaar 1: inkomen = 125 euro
        Jaar 2: 5% rente op 125 euro = 6.25 euro
        Totaal: 131.25 euro

        2. Met belasting
        Jaar 1: inkomen = 125 euro minus 25% belasting = 100 euro
        Jaar 2: 5% rente op 100 euro = 5 euro minus 25% belasting = 4 euro
        Totaal: 104 euro

        Verschil tussen 1. en 2. = 27.25 euro

        Totale belasting is dus 27.25/131.25 = 20.76% (ik had zelf een rekenfout gemaakt in mijn vorige berekening – niet gewoon de calculator op mijn telefoon te gebruiken)!

            • Maar wel mét inkomensbelasting, want dat betaalt de niet-spaarder ook gewoon. Je wil weten wat de invloed is van de vermogenswinstbelasting. Dus vergelijk je een wereld mét en zonder vermogenswinstbelasting, all else constant.

              Als ik wil weten wat de invloed is van medicijn ABC dan vergelijk je patiënten die medicijn ABC nemen met patiënten die medicijn ABC niet nemen. Maar nu vergelijk je patiënten die medicijn XYZ én ABC nemen met patiënten die XYZ noch ABC nemen.

  5. Maar stel even dat, for some reason, je het argument van de tijdswaarde van geld niet wil aanvaarden en dat je stelt dat persoon 2 tóch meer belastingen betaalt dan persoon 1, omdat hij ervoor kiest om eerst te sparen en pas later te consumeren.

    Dan kan je daarover twee opinies hebben:

    1) persoon 1 en persoon 2 zouden gelijke percentages moeten betalen
    2) persoon 1 en persoon 2 zouden ongelijke percentages moeten betalen

    Als je onder 2 valt, dan is er geen probleem. Einde discussie. Maar stel dat je onder 1 valt. Wat is dan je argument waarom persoon 1 en 2 gelijke belasting moeten betalen, en pas op: je mag het niet op rechtvaardigheid laten berusten, want dat was kennelijk uit den boze.

    • Ik denk niet dat het hele concept van de tijdswaarde van geld relevant is. De onderliggende idee is dat inkomen uit vermogen (en het lijkt me evident dat het hier gaat om *reëel* inkomen) onvoldoende belast wordt. Als er geen reëel inkomen is, maw als de opbrengst gelijk is aan de waardevermindering, dan is er geen discussie.

      Terug naar de kern: ik denk dat de verplichting een case te maken ligt bij diegenen die pleiten voor een verschillende belasting. Als de staat bepaalt dat de belasting op inkomen 20% is, dan zou daarmee de kous af moeten zijn. Wie vind dat sparen of beleggen extra belast moet worden, moet met een argument aankomen. Ik heb het jouwe nog niet gezien (tot nu toe baseer je je op het feit dat rijken makkelijker kunnen sparen dan armere mensen, maar dat is een heel ander verhaal, dat niets met vermogenswinstbelasting te maken heeft.)

      • (je hebt gelijk over die tijdswaarde, zie hierboven…)

        Maar dat is het net! Vermogen wordt niet gelijk belast! Ik maak net de case dat het wel gelijk belast moet worden. Op dividenden betaal je 25%. Als je op je pensioen je bedrijf liquideert betaal je 10% op de meerwaarde. En als je de aandelen verkoopt betaal je zelfs niks. Dat is niet gelijk. En liefst zou ik een progressieve belasting zien op ALLE vormen van inkomen. In feite komt een flat tax met een voldoende hoge belastingsvrije som daarop neer. Je percentage is dan gelijk voor alle vormen van inkomen, eender welke, maar het gemiddelde percentage zal toch progressief zijn. En in principe werkt dat ook met een standaard progressief stelsel, zolang men de inkomsten maar gelijk behandelt.

        Verder ben ik volledig akkoord: degene die afwijkingen willen, moeten met de argumenten komen. Waarom zou ik op mijn dividenden 25% moeten betalen, maar Coucke op de winst uit zijn aandelenverkoop 0%? Dat is toch niet gelijk?

      • @kurt: ik denk dat ik al eerder heb gezegd dat ik geen verklaring zie voor de verschillen in behandeling tussen verschillende vormen van roerende opbrengsten. Dividenden, spaaropbrengsten, meerwaarden op kapitaal enz – dat zijn in de praktijk slechts technische verschillen.

        Maar waar het hier over gaat is óf en soja waaróm zulke meerwaarden, in welke vorm dan ook, moeten worden belast. En ik toon aan dat áls dat gebeurt, dat leidt tot een de facto extra belasting.

  6. Tenslotte vraag ik me af hoe je kan spreken van “dubbele” belasting als je eerst de 100 euro belast met inkomensbelasting en dan de 5 euro spaarrente met roerende voorheffing. Die 100 euro en die 5 euro zijn niet dezelfde euro’s, dus waar zitten dan die euro’s die je twee keer belast?

    • De gespaarde euro’s zijn al eens belast geweest. Je hebt 125 euro bruto, maar slechts 100 euro netto. De rente op je kapitaal wordt meteen met eenvijfde verminderd. Van de rente die overblijft wordt nóg eens eenvijfde afgeroomd. Er wordt dus twee keer belasting geheven.

      Er zijn twee oplossingen: (a) je schaft alle belastingen op vermogenswinst af – dan geldt de facto dezelfde aanslagvoet als op arbeidsinkomen; of (b) je laat spaarders toe hun *bruto* inkomen te beleggen! en past dan een gepaste aanslagvoet toe op de resulterende opbrengst. Dat is wat in het VK gebeurt met pensioensparen: je betaalt geen belasting opende bijdragen, maar je wordt marginaal belast zodra je een pensioeninkomen geniet.

      • Dat is wel een speciale interpretatie van “dubbel” belasten. Je zegt dat je rente op je kapitaal al met eenvijfde wordt verminderd, maar op dat moment is die rente onbestaande, die is niet eens in uw bezit. Ik vind het dus een beetje vreemd. Je hebt 125 euro en daarvan geef je 25 euro af. Dat is de belasting. Die 5 euro heb je dan nog niet, die bestaat nog niet en ze kan dus niet belast worden. Pas een jaar later krijg je 5 euro gestort. Aangezien die vorig jaar nog niet bestond, kon ze toen niet belast zijn.

        Maar ik volg verder de logica wel dat door de belastingen vandaag je rente lager zal zijn. Dat volg ik, maar is dat ook dubbel belasten? Ik weet het niet, het lijkt zo raar. Ik interpreteer dubbel belasten eerder als twee keer met een hamer op een nagel slaan, maar dat is zo vreemd in deze context, omdat de nagel van 5 euro er vandaag nog niet is.

      • Helemaal niet. Als je naar de bank gaat die je een bruto rente aanbiedt van 5%, maar waarop de staat een roerende voorheffing legt van 20%, dan wordt je rente met eenvijfde verminderd – ook al heb je nog geen cent aan rente gerealiseerd.

        Dit is exact hetzelfde: je had 125 euro, maar daarvan is al 25 euro verdwenen – eenvijfde van de totale opbrengst is weg.

        De nagel van 5 euro zou een nagel van 6.25 euro geweest zijn mocht er niet belast zijn geweest. Én die kleinere nagel wordt dan ook nog eens belast.

        • Dat van de bank volg ik niet. Ze trekken de roerende voorheffing pas af vanaf het moment dat jij het recht hebt verworven over die rente, m.a.w. wanneer je bedrag 1 jaar vaststaat. Pas dan is die rente van jou. Vandaar dat ik het vreemd vind dat die al eens dubbel belast zou zijn.

          Vanuit de andere optiek, dat die rente zonder inkomensbelasting hoger geweest zou zijn, is het natuurlijk wel logisch.

          Ik vind “dubbel” belasten gewoon een dubieuze term. Belastingen in de tijd vergelijken is vrij complex.

          • Wat ik bedoel is dat er vooraf al een verschil is tussen bruto- en nettorendement.

            Een ander voorbeeld: er zijn landen waarin je belast wordt op loterijwinsten, maar waar je de belasting vooraf kunt betalen op de aankoop van het biljet. Dus een biljet van 10 euro zou je 12.5 euro kosten (20% belasting), en dan betaal je verder geen belasting meer op eventuele winsten, of je betaalt 10 euro voor het biljet, maar op eventuele winst ga je dan 20% belasting betalen.
            Wat hier gebeurt is dat je én vooraf (25 euro op 125), én achteraf (1 euro op 5) belasting betaalt.

            • Wat ik bedoel is dat je niet belast kan worden op wat je niet hebt, en dat “dubbel” in die zin een wreed gek woord is. Zolang ik geen interest in mijn portefeuille heb zitten, kan ik er niet op belast worden. Meer niet.

              • Klopt. In het voorbeeldje van Landsburg is het alsof de opbrengst een natuurlijk gevolg is van het sparen, quod non. De rente is een vergoeding voor het risico, niet voor het sparen. Je zou dus evengoed kunnen zeggen dat de spaarder minder belast is. Persoon A heeft een inkomen van 100 euro waarop 50 euro belasting is betaald en persoon B een inkomen van 150 euro waarop 60 euro is betaald, dus 40 %.

    • Ik denk dat het verschil tussen de continue meerwaardebelasting en een eenmalige “eindafrekening” (of althans een meer discrete verrekening) er enkel is omdat er in de berekening in deze blogpost van uit wordt gegaan dat de geinde belasting niet wordt belegd (of, meer algemeen, geen return oplevert). Als de overheid de geinde belasting meteen zou investeren tegen eenzelfde return van 5%, dan is er geen winst voor allebei: het is dan (zoals verwacht) een zero sum operatie: de staat wint wat de belegger verliest.

      • Wat je zegt is juist. Maar de overheid investeert maar ten dele wat ze ontvangt. Verder herverdeelt ze ook wat waarschijnlijk grotendeels naar consumptie gaat. Idem voor haar eigen loonkosten (personeel).

        • Ik denk niet dat je op die basis mag zeggen dat beide partijen winnen bij minder frequente heffing. Als de staat 30 jaar wacht om (meer) te innen, dan moet hij intussen op een andere manier de uitgaven financieren. Globaal is het een vestzak/broekzak operatie: al wat uit de vestzak van de spaarder verdwijnt komt in de broekzak van de staat terecht. De al dan niet oordeelkundige besteding door de staat is een ander verhaal.

  7. Dat is natuurlijk niet waar tenzij de bevolking uit één persoon zou bestaan waarop dan 30 jaar moet gewacht worden om dan pas een belasting te heffen. In feite overlijden er elk jaar mensen en dit aantal is bovendien stabiel. Het is dus perfect mogelijk om al vanaf volgend jaar (bij manier van spreken) erfenissen en schenkingen meer te belasten. Een verschuiving naar meer belastingheffing bij het overlijden naar wat minder vermogens(winst)belasting bij levenden zal de overheid niet voelen.

  8. Waarom gebruik je bij het eerste voorbeeld 30% en bij het tweede voorbeeld 42% terwijl het inkomen in beide voorbeelden even hoog is? Het zou onder hetzelfde tarief moeten vallen? Dan zou je in het tweede voorbeeld toch normaal minder belastingen betalen?

    • Het punt dat ik wou maken is dat het argument dat iets al belast is geweest geen goed argument is. In voorbeeld 2 en 3 wordt alles maar één keer belast en in voorbeeld 1 wordt alles twee keer belast. En uiteraard heb ik de tarieven zo gekozen zodat je in alle drie de voorbeelden exact evenveel belastingen hebt betaald. Dat was dus het punt dat ik wou maken: één keer of twee keer belasten maakt niet uit, je betaalt overal evenveel belasting. Hetgene dat écht uitmaakt, zijn de tarieven die je heft.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s